zondag 13 april 2008
Heerlijke dag bij Dauwendaele.
Gisteren een heerlijke dag gehad van de KJBB (Kinderen uit de Japanse Bezetting en de Bersiap 1941-1949) in Dauwendaele te Middelburg.
Met een heel gezellige band "Tropical Touch" o.l.v. dhr. E. Nutsman. Wij hebben ook een heerlijke Indische lunch gehad, klaar gemaakt door restaurant Surabya.
Verder was er een gast-optreden van het Dames Vocaal Kwartet "Nock On Wood"met engels talige liedjes uit de jaren veertig. Iedereen vond deze dames verrassend goed, ik heb veel bewondering voor hetgeen zij daar brachten. De dag was bijzonder gezellig en wij oudjes hebben uit volle borst met de band samen heerlijke liedjes uit ons tropisch verleden meegezongen. Het is iets waar wij twee keer per jaar naar uitkijken. Je stapt weer even in de wereld van je jeugd, dat doet heel goed. Nu je niet meer aan het jachtige leven hoeft deel te nemen, heb je meer tijd om eens rustig terug te denken aan die jonge jaren, die zo ver hier vandaan, zo'n diepe indruk gemaakt hebben, die glashelder in je geheugen zijn opgeslagen. Het was vooral het leven met je ouders, die de grondbeginselen van je verdere leven hebben gevormd in zo'n geweldig indrukwekkend land, met zijn prachtige bergen, oerwouden en kusten. Ik heb geen heimwee naar die tijd, maar denk er wel met heel veel plezier aan terug. Ook aan deze leuke dag.
Dinkie
Met een heel gezellige band "Tropical Touch" o.l.v. dhr. E. Nutsman. Wij hebben ook een heerlijke Indische lunch gehad, klaar gemaakt door restaurant Surabya.
Verder was er een gast-optreden van het Dames Vocaal Kwartet "Nock On Wood"met engels talige liedjes uit de jaren veertig. Iedereen vond deze dames verrassend goed, ik heb veel bewondering voor hetgeen zij daar brachten. De dag was bijzonder gezellig en wij oudjes hebben uit volle borst met de band samen heerlijke liedjes uit ons tropisch verleden meegezongen. Het is iets waar wij twee keer per jaar naar uitkijken. Je stapt weer even in de wereld van je jeugd, dat doet heel goed. Nu je niet meer aan het jachtige leven hoeft deel te nemen, heb je meer tijd om eens rustig terug te denken aan die jonge jaren, die zo ver hier vandaan, zo'n diepe indruk gemaakt hebben, die glashelder in je geheugen zijn opgeslagen. Het was vooral het leven met je ouders, die de grondbeginselen van je verdere leven hebben gevormd in zo'n geweldig indrukwekkend land, met zijn prachtige bergen, oerwouden en kusten. Ik heb geen heimwee naar die tijd, maar denk er wel met heel veel plezier aan terug. Ook aan deze leuke dag.
Dinkie
vrijdag 4 april 2008
Mr. Lee
Mr Lee.
Wij woonden weer hoog in de bergen. Dit keer in het huis van de oma van onze overburen in Soerabaja. Deze lieve oma, die dolblij was dat wij bij haar zaten, samen met haar kleinkinderen Wil, 10 jaar en Eep, 13 jaar, had een hele erge vorm van suiker en had een verpleegster, een lieve Indische vrouw. Ook mijn grootmoeder was er bij. Het werd in Soerabaja na de verloren strijd in de Pacific heel onrustig. Veel bendes trokken plunderend en moordend door het land. Ze hadden het vooral gemunt op de chinezen en blanken. Het wachten was op de Jappen. Naast dit huis, waar wij nu dus zaten, woonde een schatrijke chinees, mr. Lee, oud, rijk, gepensioneerd en een heel vreemde man. Mr. Lees voortuin was heel breed en heel verwilderd, alleen gras. Zijn ingang lag vlak naast onze tuin, een groot ijzeren hek met er omheen een hoge pergola. Van dat hek tot het volgende hek naast zijn huis, dat heel diep in de tuin lag, was een pad. In dit stuk tuin liepen acht ganzen, die daar leefden. Als je dit hek open deed vlogen alle acht ganzen je aan en dat deed geweldig zeer, dus je moest er rennen voor je leven naar het volgende hek, wat dan ook steeds gebeurde met het vele personeel van mr. Lee en wat voor ons zeer vermakelijk was. Zijn huis was een laag, breed, wit huis en aan de achterkant was de ingang, die wij dus nog nooit gezien hadden.Toen begon het rampokken, (zo heette dat) ook bij ons in de bergen. Verschillende winkels van chinezen werden in de fik gestoken en enkele mensen werden zelfs dood aangetroffen. De angst sloeg ons allen om het hart. Wij waren weerloos, vier volwassen vrouwen en vier kinderen met nog twee man personeel, ook niet jong meer. Wij mochten ineens niet meer naar buiten. Ik weet nog dat mijn moeder ons uren zat voor te lezen. Wij kregen huiswerk en moesten tekeningen maken. Niet naar buiten in de tropen is een zware straf, 's nachts hoorde je schieten en het kwam steeds dichter bij, doodeng.
"Elsie": zei mijn moeder, "dit gaat niet goed". Het werd steeds angstiger en ineens op een ochtend bleef ook het personeel weg. Doodsbang waren wij, meestal als het personeel weg bleef wisten zij iets wat wij niet wisten en dus bleven ze weg. Ineens de telefoon, wij schrokken ons dood, (mijn moeder had al overal gebeld om hulp maar ving overal bod) mr. Lee in zeer gebrekkig Nederlands vroeg hij hoe het met ons ging. Mijn moeder vertelde dat het personeel weg was gebleven en dat wij erg bang waren. Hij vroeg of wij een geweer hadden of andere wapens, die hadden wij niet. Hij vroeg toen aan mijn moeder of hij ons mocht helpen. "Graag" zei mijn moeder, niet begrijpend, hoe zo'n oude man en chinees, ons kon helpen.Wij moesten van mijnheer Lee een opening maken naar zijn tuin in de grote heg. Met enorm veel pijn en moeite hebben wij met zijn allen een opening kunnen maken. Terwijl wij daar mee bezig waren vlogen de ganzen ons steeds aan, om helemaal gek van te worden, zo fel en vals als die zijn. Toen de opening groot genoeg was hebben wij er gauw een plaat voor gezet. Hij belde weer, mr. Lee en vroeg of het het zover was. " ja" zei mijn moeder, maar er zit een losse plaat voor om de ganzen tegen te houden. "oke" zei mr. Lee en hing op.Wij begrepen nog steeds niet hoe hij ons kon helpen. Die nacht sliepen wij met zijn allen in de woonkamer op de grond, eigenlijk sliepen wij geen van allen. Alles zat potdicht, heel benauwd in de bergen, doodstil was het. 's Nachts begon het schieten weer en kwam steeds dichter bij en op een gegeven moment hoorden wij grint knarsen en voetstappen, Wil's oma begon te janken, "wij gaan in de fik". "Stil" zei mijn moeder. Verstijfd wachtten wij, meer voetstappen, geritsel, toen een knal, daar heb je het, wij gaan in de fik.Vreselijk veel voetstappen, mijn moeder hield mijn grootmoeder vast. Toen nog een paar vreselijke knallen. Helemaal in elkaar gedoken wachtten. Toen een vreselijk lawaai, rennende stappen en hollende mensen, ineens alles doodstil. Wij wachten. Een uur later ging de telefoon, wij schrokken ons kapot, mr. Lee. " Ga maar weer lekker slapen, u zult geen last meer hebben, mijn privé leger heeft ze van uw erf gejaagd, selamat tidoer, zij houden de wacht over deze twee huizen.Wij konden onze oren niet geloven, maar het bleef inderdaad doodstil. Wij sliepen tot laat in de ochtend. Daar stonden ook ineens onze hulpen weer. Alles was weer rustig en normaal. Alleen 's nachts waakte het privé leger van mr. Lee over ons en dat gaf een heerlijk gevoel, totdat de orde in het dorp en er buiten weer hersteld was. Wij waren heel erg blij dat zo'n klein rijk, oud chinees mannetje zo lief was ons te redden. Wij wilden hem zo graag persoonlijk bedanken, dat wij dwars door de happende, bijtende ganzen zijn gerend naar het volgende hek, om hem daar met cadeaus en bloemen te bedanken .Wij moesten helaas weer terug !!!! Dinkie .
Wij woonden weer hoog in de bergen. Dit keer in het huis van de oma van onze overburen in Soerabaja. Deze lieve oma, die dolblij was dat wij bij haar zaten, samen met haar kleinkinderen Wil, 10 jaar en Eep, 13 jaar, had een hele erge vorm van suiker en had een verpleegster, een lieve Indische vrouw. Ook mijn grootmoeder was er bij. Het werd in Soerabaja na de verloren strijd in de Pacific heel onrustig. Veel bendes trokken plunderend en moordend door het land. Ze hadden het vooral gemunt op de chinezen en blanken. Het wachten was op de Jappen. Naast dit huis, waar wij nu dus zaten, woonde een schatrijke chinees, mr. Lee, oud, rijk, gepensioneerd en een heel vreemde man. Mr. Lees voortuin was heel breed en heel verwilderd, alleen gras. Zijn ingang lag vlak naast onze tuin, een groot ijzeren hek met er omheen een hoge pergola. Van dat hek tot het volgende hek naast zijn huis, dat heel diep in de tuin lag, was een pad. In dit stuk tuin liepen acht ganzen, die daar leefden. Als je dit hek open deed vlogen alle acht ganzen je aan en dat deed geweldig zeer, dus je moest er rennen voor je leven naar het volgende hek, wat dan ook steeds gebeurde met het vele personeel van mr. Lee en wat voor ons zeer vermakelijk was. Zijn huis was een laag, breed, wit huis en aan de achterkant was de ingang, die wij dus nog nooit gezien hadden.Toen begon het rampokken, (zo heette dat) ook bij ons in de bergen. Verschillende winkels van chinezen werden in de fik gestoken en enkele mensen werden zelfs dood aangetroffen. De angst sloeg ons allen om het hart. Wij waren weerloos, vier volwassen vrouwen en vier kinderen met nog twee man personeel, ook niet jong meer. Wij mochten ineens niet meer naar buiten. Ik weet nog dat mijn moeder ons uren zat voor te lezen. Wij kregen huiswerk en moesten tekeningen maken. Niet naar buiten in de tropen is een zware straf, 's nachts hoorde je schieten en het kwam steeds dichter bij, doodeng.
"Elsie": zei mijn moeder, "dit gaat niet goed". Het werd steeds angstiger en ineens op een ochtend bleef ook het personeel weg. Doodsbang waren wij, meestal als het personeel weg bleef wisten zij iets wat wij niet wisten en dus bleven ze weg. Ineens de telefoon, wij schrokken ons dood, (mijn moeder had al overal gebeld om hulp maar ving overal bod) mr. Lee in zeer gebrekkig Nederlands vroeg hij hoe het met ons ging. Mijn moeder vertelde dat het personeel weg was gebleven en dat wij erg bang waren. Hij vroeg of wij een geweer hadden of andere wapens, die hadden wij niet. Hij vroeg toen aan mijn moeder of hij ons mocht helpen. "Graag" zei mijn moeder, niet begrijpend, hoe zo'n oude man en chinees, ons kon helpen.Wij moesten van mijnheer Lee een opening maken naar zijn tuin in de grote heg. Met enorm veel pijn en moeite hebben wij met zijn allen een opening kunnen maken. Terwijl wij daar mee bezig waren vlogen de ganzen ons steeds aan, om helemaal gek van te worden, zo fel en vals als die zijn. Toen de opening groot genoeg was hebben wij er gauw een plaat voor gezet. Hij belde weer, mr. Lee en vroeg of het het zover was. " ja" zei mijn moeder, maar er zit een losse plaat voor om de ganzen tegen te houden. "oke" zei mr. Lee en hing op.Wij begrepen nog steeds niet hoe hij ons kon helpen. Die nacht sliepen wij met zijn allen in de woonkamer op de grond, eigenlijk sliepen wij geen van allen. Alles zat potdicht, heel benauwd in de bergen, doodstil was het. 's Nachts begon het schieten weer en kwam steeds dichter bij en op een gegeven moment hoorden wij grint knarsen en voetstappen, Wil's oma begon te janken, "wij gaan in de fik". "Stil" zei mijn moeder. Verstijfd wachtten wij, meer voetstappen, geritsel, toen een knal, daar heb je het, wij gaan in de fik.Vreselijk veel voetstappen, mijn moeder hield mijn grootmoeder vast. Toen nog een paar vreselijke knallen. Helemaal in elkaar gedoken wachtten. Toen een vreselijk lawaai, rennende stappen en hollende mensen, ineens alles doodstil. Wij wachten. Een uur later ging de telefoon, wij schrokken ons kapot, mr. Lee. " Ga maar weer lekker slapen, u zult geen last meer hebben, mijn privé leger heeft ze van uw erf gejaagd, selamat tidoer, zij houden de wacht over deze twee huizen.Wij konden onze oren niet geloven, maar het bleef inderdaad doodstil. Wij sliepen tot laat in de ochtend. Daar stonden ook ineens onze hulpen weer. Alles was weer rustig en normaal. Alleen 's nachts waakte het privé leger van mr. Lee over ons en dat gaf een heerlijk gevoel, totdat de orde in het dorp en er buiten weer hersteld was. Wij waren heel erg blij dat zo'n klein rijk, oud chinees mannetje zo lief was ons te redden. Wij wilden hem zo graag persoonlijk bedanken, dat wij dwars door de happende, bijtende ganzen zijn gerend naar het volgende hek, om hem daar met cadeaus en bloemen te bedanken .Wij moesten helaas weer terug !!!! Dinkie .
donderdag 27 maart 2008
dinsdag 25 maart 2008
weerzien met Indonesie
Op een dag kwam Willem thuis van zijn werk op het hoofdkantoor van HBG in den Haag en zei: je raad het nooit, er komt een project in Indonesie en wij gaan er naar toe, ik als Commercial manager. Er viel een doodse stilte, na 33 jaar weer terug naar het land waar ik geboren ben en nog wel voor twee en een half jaar. Ik kon het niet bevatten, een innige wens zou in vervulling gaan, eventjes weer terug, o wat heerlijk, eventjes weer in de echte tropen, heerlijk, heerlijk. Toen kwam er een hele drukke tijd. Injecties, koffers, Andy van school, huis klaar maken om achter te laten. Voor wij het wisten werden wij door de kinderen naar Schiphol gebracht. Het was voor Andy, die als enige meeging, wel naar al zijn vriendjes en z'n school te moeten achterlaten. Na het afscheid met veel tranen, vooral van mij, waren wij op weg naar Indonesie, met een paar tussenstops kwamen wij er na 23 uur vliegen aan, op Halim Airport, met hond en kind (Buffy onze ruwharige teckel), die de gehele vlucht in een kooitje had gezeten en op knappen stond. Met een brok in mijn keel liep ik de warmte in, heerlijk thuis, maar had helaas niet gerekend op wat er nu ging gebeuren bij de douanecontrole. Zogenaamd waren de papieren van ons hondje niet in orde. Andy zei: dat wordt weer dashen en zuchtte diep.Willem zou voor de koffers zorgen en ik met portemonnaie en Andy mee naar een speciaal kantoortje. Ik vroeg beleefd wat de fout was en ging onderhandelen, met de hond aan mijn voeten snuffelend, die erg nodig moest. Ik bood hem een bedrag en na drie keer verhogen zei hij: "oke".Voor deze ene keer zou hij zijn hand over zijn hart strijken en ons een stempel geven, zodat wij konden gaan.Na het geld betaald te hebben en het zinloze stempel vond Buffie het nodig zijn blaas vlak voor 's mans schoenen totaal te ledigen. Andy zei:" weg wezen mam" en wij ook met natte schoenen renden het kantoortje uit op zoek naar Willem en de koffers. Van uit Djakarta gingen wij met een heel klein vliegtuigje naar Cilacap aan de andere kant van het eiland en daar zou het project beginnen.Wij kregen een prachtig huis met een beeldige tuin en personeel , twee allerliefste baboes Hanna en Soetina. Voor ik het wist voelde ik mij weer als een vis in het water in mijn tropen met palmbomen in de tuin en een tuinman en een nachtwacht, die iedere avond kwam en tegen de ochtend weer weg ging.Met twee honderd Amerikaanse gezinnen en een American Highschool en een olympic size swimmingpool ging het met Andy ook prima.Op een avond zaten wij met zijn drieen op de bank naar een film te kijken, om 6 uur is het er aarde donker, toen ik ineens een soort getril voelde:"Andy, zit niet zo te fietelen met je been" ,dat is een gewoonte van hem.Mam, ik doe dat niet, ineens voelde ik de hele bank heen en weer schuiven. Andy en Willem riepen:" kijk de auto gaat ook heen en weer en de lampen ook, kijk, alles gaat golvend heen en weer, een aardbeving en ineens doodstil, voorbij.Wij renden naar buiten overal liepen er mensen druk pratend. Toen ineens nog een paar kleine schokken en 's-nachts in bed nog een paar. Midden in de nacht begonnen alle honden te janken, eerst in de verte en als een golf van gejank kwam het voorbij.Klaar wakker waren wij. De volgende ochtend was er dikke mist van vallende grijze vlokken:" wat is dat", riep Andy. "Dat is de Gunung Galungung" riep Hanna, "die is gebarsten uit zijn voegen". De vulkaan lag zo'n 150 km hier vandaan.Om twee uur 's-middags werd het ineens aardedonker, echt nacht. Toen werd ik echt even bang, Andy weg, Willem weg en ik daar met twee zeer bange vrouwen, vooral Hanna, die goed nederlands sprak zei steeds:"Als dat maar goed gaat, als dat maar goed gaat. Geen kranten, geen nieuws en aardedonker. Na een paar uur werd het langzaam iets lichter en dagen lang zijn de asregens blijven vallen. Van de vliegtuigen naar Australie vielen de motoren uit en pas drieduizend meter boven de grond wilden ze pas weer starten. Toen eindelijk de kranten uit kwamen stond er in, dat de grote ontploffing nog moest komen. Experts van over de hele wereld kwamen metingen doen, de Indonesche president ging naar de getroffen dorpen. Veel van die dorpen verdwenen onder de lava. Wij dachten:" Nog een grotere klap, dat is niet zo best, wat hangt ons nu weer boven het hoofd". Mijn moeder snel gebeld om haar gerust te stellen, kinderen gebeld, ze wisten van niets, helemaal niets en twee maanden later belde mijn moeder en zei:" Kind, er is een berg bij jullie uit elkaar gespat, hoe is het met jullie? Toen pas werd het in Nederland vermeld. Gelukkig maar. De grote klap is nooit gekomen. Dinkie
zondag 16 maart 2008
prachtige fotos van de voorbije winter
Abonneren op:
Posts (Atom)



